Naar inhoud
Banner met tram in Brussel

Ik zoek vervoer op maat.Ik zoek via type vervoer.Ik vraag hulp via een Mobiliteitscentrale Aangepast Vervoer (MAV).

Basisbereikbaarheid

Wat is basisbereikbaarheid?

Het decreet 'Basismobiliteit' uit 2001 vertrok van een aanbodgerichte politiek, waarbij elke Vlaming op 750 meter van zijn woning een halte van De Lijn moest hebben, ook al was er geen vraag naar. Daardoor zijn er veel nutteloze haltes en rijden veel lege bussen rond. De Lijn moest aan alle vervoersvragen tegemoet komen, zonder rekening te houden met de voordelen van 'combimobiliteit'.

Daar komt nu verandering in. Het Vlaamse mobiliteitsbeleid wordt ingrijpend hertekend. De Vlaamse Regering keurde in april 2019 het nieuwe decreet Basisbereikbaarheid goed. Basisbereikbaarheid staat voor het bereikbaar maken van belangrijke maatschappelijke functies op basis van een efficiënt en vraaggericht systeem en met een optimale inzet van middelen.

 

Combimobiliteit

Centraal staat de term combimobiliteit of 'multimodaal reisgedrag', waarbij reizigers verschillende vervoersmiddelen combineren. De beschikbaarheid van verschillende vervoersmiddelen en goed uitgeruste knooppunten (of 'mobipunten') maken het mogelijk vlot over te stappen.

Het openbaar vervoer wordt opgedeeld in vier lagen met elk een specifieke rol. Deze lagen worden optimaal op elkaar afgestemd.

  • Treinnet: de ruggengraat van het openbaar vervoer
  • Kernnet: een vast netwerk van buslijnen en trams op grote assen, tussen grote woonkernen en attractiepolen (school, sport, werk, handel)
  • Aanvullend net: bussen tussen kleinere steden en gemeenten, dient als toevoer naar het kern- en treinnet
  • Vervoer op maat: speelt in op individuele mobiliteitsvragen, collectief vervoer op afroep en reservatie via de mobiliteitscentrale

 

Vervoerregio's en vervoerregioraden

Om basisbereikbaarheid te realiseren, wordt Vlaanderen verdeeld in vijftien vervoerregio's. Elke regio heeft een vervoerregioraad, samengesteld uit lokale besturen en gewestelijke instanties (Agentschap Wegen en Verkeer, De Lijn en het Departement Mobiliteit en Openbare Werken).

Deze raden staan in voor de opmaak van een geïntegreerd regionaal mobiliteitsplan die de invulling van basisbereikbaarheid bewaakt, evalueert en stuurt.

 

Masterplan Toegankelijkheid

Het Masterplan Toegankelijkheid is een actieplan dat de halte-infrastructuur van het openbaar vervoer tegen 2030 meer toegankelijk wil maken. Het plan kadert in de nieuwe Vlaamse mobiliteitsvisie van basisbereikbaarheid. Ook mensen met een beperking of ouderen die slecht ter been zijn, moeten zich met het openbaar vervoer kunnen verplaatsen.

Het toegankelijk maken van haltes is cruciaal en vraagt een proactieve samenwerking met de lokale besturen. De gemeenten worden hierbij begeleid door Inter.

 

Voorgeschiedenis

Vanaf 2016 liepen er proefprojecten in de regio's Aalst, Mechelen, Westhoek en  Antwerpen, om het nieuwe mobiliteitsconcept vorm te geven en te evalueren. De bedoeling was om ervaring op te doen met het installeren van een vervoerregioraad en het opstellen van een regionaal mobiliteitsplan.

Lees hier het evaluatierapport van de proefregio's (PDF, 2.5 MB)

 

Timing

  • In 2019 werden de 15 vervoerregio's opgestart en werd het decreet Basisbereikbaarheid definitief goedgekeurd.
  • In 2020 worden de mobiliteitsplannen van de vervoerregio's opgemaakt en wordt het netwerk openbaar vervoer uitgetekend.
  • Vanaf 2021 wordt basisbereikbaarheid overal in Vlaanderen ingevoerd.

 

Meer informatie